Voor de pers

Bent u vertegenwoordiger van de media en hebt u een vraag over de gemeente of over werkorganisatie De BUCH? Belt u dan met:

  • Dorine van der Meij
  • Manuela Lima
  • Bianca Validzic
  • Joyce Schoonebeek

We staan u graag te woord. Het telefoonnummer is 088 - 909 73 00.

Persberichten

Persbericht 24 november

"Bent u benieuwd hoe een warmtepomp eruitziet? Of hoe verschillende energiebesparende maatregelen werken? Kom dan 7 december langs bij de Duurzame Showroom in Limmen," aldus wethouder duurzaamheid, Valentijn Brouwer. In deze showroom zijn kleine en grotere maatregelen te bekijken. Zoals radiatorfolie, een infraroodpaneel en zonnepanelen.

"Al met kleine stappen, zoals het aanbrengen van isolatie of door het beter gebruiken van de verwarming, kunt u energie besparen," licht Brouwer toe. Bij de Duurzame Showroom vertellen ze er graag alles over. Aanwezig zijn een adviseur van het Duurzaam Bouwloket en energiecoaches van CALorie Energie. De showroom staat woensdag 7 december van 9:00 uur tot 16:00 uur tegenover de Albert Heijn aan de Vuurbaak in Limmen.

Inkoopactie en duurzaam advies

Tot 1 januari 2022 loopt er een lokale inkoopactie voor woningisolatie via Duurzaam Bouwloket. Inschrijven kan via de actiepagina van Duurzaam Bouwloket. Het Duurzaam Bouwloket is het energieloket van de gemeente Castricum. Inwoners kunnen hier terecht voor advies over het energiezuinig, duurzaam en aardgasvrij maken van hun woning. Het advies is gratis en onafhankelijk. Ook adviseren ze over subsidies en financiering.

Heeft u vragen?

Vragen kunnen ook gesteld worden via (072) 743 39 56 of  via info@duurzaambouwloket.nl. Spontaan langskomen kan op 7 december in Limmen, of eerder in Egmond aan den Hoef, waar de showroom donderdag 1 december bij de Albert Heijn staat.

Persbericht 24 november 2022

Vandaag zijn in Den Haag handtekeningen gezet onder het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI). Valentijn Brouwer, wethouder in gemeente Castricum, deed dit namens de gemeenten Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo.

Gemeenten geven jaarlijks geld uit aan producten, werken en diensten. Gemeenten die daarbij de juiste, duurzame keuzes maken, vormen gezamenlijk een krachtig netwerk op weg naar een duurzame, sociale wereld. Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat Vivianne Heijnen ontving donderdagmiddag in Den Haag de eerste partijen die zich aansluiten bij het Manifest MVOI 2022-2025. 

Valentijn Brouwer: “Met de ondertekening geven we ook als gemeenten een duidelijk signaal af over welke route we willen nemen richting verduurzaming. Onze manier van opdrachtgeven en inkopen vormt een belangrijke voorbeeldfunctie. Door dit in gezamenlijkheid met andere overheden goed inrichten, ontstaat er snel een netwerk waarmee we verandering naar een duurzame, sociale wereld kunnen realiseren.”

Het manifest bestaat uit zes thema’s: Milieu en biodiversiteit, Klimaat, Circulair, Ketenverantwoordelijkheid, Diversiteit en inclusie, en Social Return.

Met de hele organisatie

Brouwer vervolgt: “Je maakt pas echt het verschil als niet alleen de afdeling inkoop, maar de hele organisatie op alle niveaus, betrokken is. Vandaar dat we niet spreken van MVI maar van MVOI. De ‘O’ van (intern) ‘opdrachtgeven’ gaat vooraf aan het inkopen. De hele organisatie zet zich zo in voor de doelen die we met onze gemeenten willen bereiken, van visie- en planvorming tot opdrachtgeven en inkopen.”

Persbericht 23 november 2022

De gemeenten Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo zijn in Nederland pionier met het aanbod van een circulair maakonderwijs-programma voor basisscholen. Het programma wordt goed ontvangen door leerkrachten en leerlingen. De gemeenten werken hierin samen met veel lokale partijen.

Woensdag presenteerden de gemeenten hun bevindingen in de raadszaal van het gemeentehuis in Heiloo aan scholen, beleidsmakers en de kinderburgemeester. Wethouder van de gemeente Heiloo, Ronald Vennik: “We willen leerlingen niet belasten met het probleem van milieuvervuiling, maar juist handvatten geven om iets te doen vanuit hun innerlijke gedrevenheid. Het zelf maken zet leerlingen in hun kracht. Zo kunnen ze concreet iets betekenen op het gebied van duurzaamheid.”

Maakonderwijs als handvat voor circulariteit

Inwoners spelen een belangrijke rol in de verandering naar een circulaire economie. Hierbij kun je denken aan een ander gebruik van grondstoffen, onderdelen en producten, waarbij ze hun waarde zo min mogelijk verliezen. Consuminderen, hergebruik en reparatie worden weer de norm. Dit vergt een andere manier van denken en doen. Het circulair maakonderwijs-programma biedt hier concrete handvatten voor. De opdrachten zetten aan tot denken over duurzaamheid van onze producten. En kinderen leren echt de technieken om op een andere manier met spullen om te gaan.

Lokaal krachten bundelen 

‘Vroeger werden maaktechnieken nog op veel scholen gegeven, maar dit is sinds de jaren ‘90 nagenoeg uit ons onderwijs verdwenen. Er zijn niet zoveel mensen meer die de technieken, zoals bijvoorbeeld het repareren van kleding, beheersen. Voor de lesmodulen hebben de gemeenten Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo een lokaal netwerk van ondernemers, experts en vrijwilligers met de juiste kennis en vaardigheden bij elkaar gebracht’, vertelt Wytske de Man tijdens de presentatie. Zoals Marijke Dirkson, een lokale schaapsherder, handwerkexperts van de Vrouwen van Nu Noord-Holland en medewerkers van Wolatelier de Krachtige Kudde. 

Leraren en leerlingen enthousiast

Met oude kleding van kringloop Noppes in Uitgeest maakten leerlingen elk een eigen tas én leerden ze meer over fast-fashion en duurzaamheid. De lessen van de module wol/textiel zijn inmiddels afgerond op drie scholen in Bergen en Egmond. Leerkrachten en leerlingen zijn enthousiast. “Aandacht voor wereldproblematiek, echte dingen doen en werken met échte mensen in de klas zijn van onschatbare waarde,” aldus Josefien, leerkracht van de Adriaan Roland Holstschool in Bergen, ‘De leerlingen denken actief mee, kijken bijvoorbeeld even naar het label in hun kleding. Waar komt het vandaan? Wie heeft het gemaakt? Wat kan er nog mee gedaan worden als ik het niet meer draag?’ 

Kinderburgemeester stelt vragen 

Tijdens de presentatie gaf kinderburgemeester Maurits van Schouten aan dat hij graag meer milieueducatie wil op de scholen in Heiloo. Dat stemde de wethouders duurzaamheid van de vier gemeenten positief. Wethouders Ronald Vennik van Heiloo en Valentijn Brouwer van Castricum legden uit waarom zij circulair maakonderwijs zo belangrijk vinden. “Het werken met je handen, leren van techniek en hoe belangrijk het is om dingen opnieuw te gebruiken of te repareren slaat meerdere vliegen in één klap. De kinderen staan aan de basis van een duurzame samenleving waarin makers weer een belangrijke plaats gaan innemen!” 

Fietsen maken

Tijdens de presentatie kwam ook de volgende lesmodule ‘fietsen maken’ aan bod. Onder leiding van een lokale fietsenmaker start deze module begin 2023 op vier scholen; in Egmond, Heiloo, Uitgeest en Castricum.

Persbericht, 16 november 2022

Een aanpak van de verkeersveiligheid op de spoorovergang is hoognodig, maar de definitieve oplossing laat nog even op zich wachten. Tot die tijd wil het college van burgemeester en wethouders van Castricum wel een aantal verkeersmaatregelen invoeren om de veiligheid snel te verbeteren. Het weren van doorgaand verkeer uit de Dorpsstraat hoort daarbij. Het college stelt de gemeenteraad voor om een ‘knip’ in de Dorpsstraat aan te brengen en dat ook te doen in straten die anders veel sluipverkeer krijgen.

Proef Dorpsstraat autoluw

Het voorstel komt voort uit een evaluatie van de proef met de autoluwe Dorpsstraat in 2021. Hiermee werd onderzocht wat de effecten zijn van het weren van doorgaand verkeer bij de spoorovergang en in het dorpscentrum. De conclusie is dat de situatie rond het spoor zichtbaar verbeterde. De effecten op het dorpscentrum waren nog niet zo zichtbaar. De duur van de proef en het draagvlak bij betrokkenen speelden hierbij een belangrijke rol.

Wethouder Valentijn Brouwer van Verkeer: “Castricum werkt aan veilig verkeer en aan bereikbaarheid. We weten dat er meer treinverkeer komt en dat dit grote problemen geeft als we niets doen. Maar de problemen zijn er nu ook al. Deze maatregelen zorgen voor meer doorstroming en veiligheid. En geven lucht om toe te werken naar een definitieve oplossing.”
Wethouder Roel Beems van Economie: “Castricum werkt ook aan een vitaal dorpscentrum. We willen de leegstand terugdringen. Het moet een gebied worden waar het aantrekkelijk winkelen en verblijven is en waar ondernemers voldoende klanten kunnen trekken. We gaan dus de inrichting verbeteren, zodat er een compact centrum ontstaat rond de 3 pleinen waar voetgangers en fietsers de ruimte krijgen.”

Met bewoners en ondernemers

Brouwer: “Tijdens de proef met een autoluwe Dorpsstraat ontstonden problemen in de buurt. Autoverkeer koos alle denkbare routes binnendoor in plaats van de bestaande route voor doorgaand verkeer. We kunnen die knip in de Dorpsstraat alleen aanbrengen als we in de buurt ook maatregelen treffen. Dat gaan we uitwerken, en dat doen we met de bewoners.”
Beems: “Met winkeliers en horeca gaan we aan een centrum bouwen dat klaar is voor de toekomst. Een levendig dorpshart draagt eraan bij dat mensen in de gemeente willen blijven wonen en ook gebruik maken van andere voorzieningen als onderwijs en sport.”

Eén variant over voor een toekomstige veilige oplossing

De gemeente werkt intussen door aan een definitieve oplossing voor een veilige spoorovergang. De afgelopen jaren zijn vele varianten berekend, uitgewerkt en besproken, nu is er nog één over. De andere boden geen soelaas: ze bereiken te weinig resultaat of leveren te grote andere bezwaren op. En in veel gevallen zijn de kosten ook nog eens erg hoog. Ook de optie van een uitgebreid pakket aan maatregelen waarbij de spoorovergang blijft zoals hij is, kan niet doorgaan. Er kleven te grote veiligheidsrisico’s aan.  
De enige overgebleven optie is de Zuidelijke stationstunnel-variant: een tunnel onder de huidige overweg voor autoverkeer, de overweg zelf is voor fietsverkeer. Deze optie zal nu verder onderzocht worden.

Besluitvorming

Burgemeester en wethouders stellen de gemeenteraad voor om de evaluatie van de pilot autoluwe Dorpsstraat vast te stellen en in te stemmen met de verkeersmaatregelen rond het spoor en de Dorpsstraat voor de korte termijn. Daarnaast is het voorstel om de Zuidelijke stationstunnel-variant als enige overgebleven optie verder te verkennen als oplossing voor de lange termijn. 
Belangrijke voorwaarde voor zowel de korte als lange termijn maatregelen is dat de plannen voldoen aan de wetgeving rond stikstof.

Donderdag 1 december is er een raadsinformatieavond over het voorstel van het college van burgemeester en wethouders.. De raadscommissie bespreekt het voorstel donderdag 8 december en de gemeenteraad neemt donderdag 22 december een besluit. Alle bijeenkomsten zijn openbaar en vinden plaats in het gemeentehuis.

Persbericht 15 november 2022

De schoollocatie aan de Vondelstraat is de beste plek voor een nieuw kindcentrum Cunera. Het college van burgemeester en wethouders stellen aan de gemeenteraad voor om deze locatie aan te wijzen. Dat maakt het voor de school mogelijk om afscheid te nemen van twee verouderde gebouwen op twee locaties en een nieuw kindcentrum te bouwen op de huidige locatie aan de Vondellaan. Daar kunnen kinderen vanaf hun geboorte tot einde basisschool terecht voor onderwijs en opvang.

Op de andere locatie, aan de Prof. Winklerlaan, zou dan Vrijeschool Castricum kunnen komen. Het college stelt voor hier verder onderzoek naar te doen. Het gaat met name om verkeersonderzoek. 
Verder volgt er extra onderzoek naar de mogelijkheid van een gezamenlijke gymzaal waarbij de locatie sportpark Wouterland de voorkeur heeft. Deze is centraal gelegen voor de beide scholen en daarnaast kunnen dan ook de sportverenigingen er terecht.

Beste locatie

Het voorstel wijkt af van een eerder raadsbesluit. Indertijd ging het om onderzoek naar een de beste locatie voor Cunera: nieuwbouw op een van beide locaties of toch verdeeld over beide De raad wilde vooral weten of kindcentrum Cunera op de Winklerlaan kon komen. Dat blijkt niet haalbaar. 
Wethouder Valentijn Brouwer van onderwijs: Inmiddels is uit verkenningen gebleken dat deze locatie te klein is voor een volwaardig kindcentrum. Cunera heeft een absolute voorkeur voor alles op één locatie en dat valt goed te begrijpen. De Prof. Winkerlaan is mogelijk wel geschikt voor Vrijeschool Castricum en dat zou dan ook kansen bieden voor een mooie nieuwe invulling op de huidige locatie aan de Dokter van Nieveltweg.”

Met de buurt

Als de gemeenteraad instemt met de voorstellen van het college, dan is de volgende stap om samen met de school en omwonenden te bekijken hoe kindcentrum Cunera het best kan worden ingepast op deze plek. Brouwer: “We zijn al met bewoners in gesprek en kennen de zorgen over bijvoorbeeld verkeer. Daarom is het zaak dat ze goed betrokken zijn bij de uitwerking van de plannen. Die inbreng is waardevol.” Voor de Winklerlaan volgt eerst een verkeersonderzoek. Als daaruit blijkt dat de Vrijeschool inpasbaar is na het nemen van passende maatregelen, dan wordt ook hier de buurt betrokken bij het uitwerken hiervan.

In de raad

De gemeenteraad krijgt de plannen gepresenteerd tijdens een raadsinformatieavond op 1 december. Deze is openbaar en daarnaast ook online te volgen. Daarna kan de gemeenteraad een besluit nemen over het voorstel. Dat gebeurt waarschijnlijk in december 2022 of in januari 2023.

Persbericht 10 november 2022

In 2019 heeft de raad van Castricum voor een nieuw afvalbeleid gekozen. Het doel van het beleid is om in 2025 30 kilo restafval per inwoner over te houden. Op 1 januari 2021 waren alle maatregelen van het nieuwe beleid ingevoerd. Castricum is nu bijna twee jaar onderweg met het nieuwe beleid. De voorlopige cijfers voor 2022 wijzen uit dat de inwoners het weer beter gaan doen dan in het voorgaande jaar. 

In het beleidsplan is ook een tussendoelstelling voor 2023 opgenomen: 100 kilo restafval per inwoner. Castricum kwam in 2021 met 106 kilo al in de buurt van deze tussendoelstelling. In 2022 zijn inwoners van Castricum nog beter gaan scheiden. Castricum komt naar verwachting uit op 100 kilo restafval per inwoner. Daarnaast is er een stijging in de hoeveelheid plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drinkpakken (pmd). Dit blijkt uit een rapportage die onlangs bekend is geworden. Wethouder Brouwer van Castricum hierover: “Dit is een mooie tussenstand en een dikke pluim voor onze inwoners is op zijn plaats. Twee jaar geleden zat Castricum nog op ruim 200 kilo restafval, dus er is een grote stap gezet. Om op de 30 kilo uit te komen zullen we nog een slag moeten maken”.
In heel Nederland is de gemiddelde hoeveelheid restafval de afgelopen paar jaar iets toegenomen. Dat maakt de prestatie van Castricum extra bijzonder.

Mijnafvalzaken.nl

Halverwege 2022 is de gemeente met een nieuwe manier gekomen om afvalzaken te regelen. Dit kan via de website mijnafvalzaken.nl of via de app mijnafvalzaken.nl. De website en de app kunnen ook gebruikt worden om te bekijken waar verzamelcontainers aanwezig zijn of in welke bak een afgedankte verpakking thuishoort. Dit kan door met de telefoon het artikel of de streepjescode te scannen. De functie wordt goed gebruikt: de afgelopen maanden is er 4324 keer gescand. De gemeente blijft deze mogelijkheden met een campagne onder de aandacht brengen.

Evaluatie 2023

In 2023 vindt er een evaluatie plaats van het beleid. Dit moet leiden tot maatregelen om de doelstelling van 30 kilo in 2025 te kunnen halen, maar er ook wordt ook gekeken naar andere doelen. De gemeente Castricum gaat voor een mooi milieuresultaat en een goede service tegen aanvaardbare kosten. De evaluatie komt naar verwachting aan het eind van het eerste kwartaal van 2023 beschikbaar. De definitieve resultaten van de eerste twee jaar van het nieuw beleid worden meegenomen.   

Persbericht 3 november 2022

Hoe moeten Akersloot, Bakkum, Castricum, Limmen en de Woude eruitzien over pakweg 20 jaar? En wat moeten we daarvoor doen? Daarover gaat de omgevingsvisie. Die gaat in op zaken als wonen, bereikbaarheid, landschap en natuur en voorzieningen. De ontwerpomgevingsvisie ligt nu ter inzage. Hierin zijn de reacties verwerkt op de voorontwerpomgevingsvisie. De volgende stap is een omgevingsvisie die de gemeenteraad vaststelt.

Waarom een visie

Wethouder Paul Slettenhaar (ruimtelijke ontwikkeling, omgevingswet, bouwen en wonen): “We hebben een prachtige gemeente waar we goed kunnen wonen, werken en recreëren. De omgevingsvisie geeft de richting aan voor de volgende generatie, hoe we in 2040 nog steeds een gezonde en prettige gemeente kunnen zijn. Het gaat over keuzes rond wonen, bereikbaarheid, voorzieningen en natuur.”

Een omgevingsvisie is ook nodig bij het maken van omgevingsplannen (nu heten deze nog bestemmingsplannen) en is bijvoorbeeld van belang bij bouwplannen.

Doelen

De belangrijkste doelen in deze visie zijn: gezonde dorpen met een gevarieerd woonaanbod, een open en gevarieerd landschap, die bereikbaar en duurzaam zijn.

Inzage en reageren

De uitgangspunten heeft de gemeente eerder vastgelegd in een zogeheten voorontwerpomgevingsvisie. Hiervoor leverden inwoners en ondernemers al de nodige inbreng via een enquête, bijeenkomsten en gesprekken.

Dit voorontwerp heeft in maart ter inzage gelegen en leverde 35 reacties op. Deze inspraakreacties en ook de inbreng van het nieuwe college van burgemeester en wethouders zijn verwerkt in de nieuwe versie van de omgevingsvisie. Deze ontwerpomgevingsvisie ligt nu ter inzage tot en met 13 december.

In deze periode kan iedereen reageren in de vorm van een zienswijze. De zienswijzen worden verwerkt in een definitieve omgevingsvisie. Deze is van kracht als de gemeenteraad deze heeft vastgesteld. Dat gebeurt naar verwachting in het tweede kwartaal van 2023.

Meer informatie

Het document is te vinden in de omgevingsvisie.

Op dinsdag 15 november is er een inloopbijeenkomst in het gemeentehuis van 17.00-19.00 uur. Wie vragen heeft, kan ook bellen met gebiedsregisseur Mirjam van der Horst Jansen via 14 0251.

Persbericht 3 november 2022

Komend jaar onderzoekt de gemeente Castricum samen met Rijkswaterstaat, provincie Noord-Holland, Liander en 11 andere gemeenten de mogelijkheden voor het opwekken van duurzame energie langs snelwegen in Noord-Holland. Dat hebben deze partijen afgesproken in een intentieverklaring.

Door het ondertekenen van de intentieverklaring is Noord-Holland weer een stapje dichterbij het bijdragen aan de klimaatdoelen. In 2030 moet 70% van de elektriciteit uit hernieuwbare bronnen komen, zoals wind- en zonne-energie. De benodigde ruimte vinden, is in Nederland een grote uitdaging, zo ook in Noord-Holland. Daarom werken partijen in Noord-Holland, regionaal en lokaal,  samen aan de Regionale Energiestrategie (RES). Hierin staat hoe - en waar - duurzame elektriciteit met zonne- en windenergie kan worden opgewekt. De ruimte langs snelwegen is daar onderdeel van. 

Eerdere voorverkenning

Vanaf afgelopen voorjaar is een voorverkenning gedaan naar de ruimte langs snelwegen in Noord-Holland. Hieruit bleek dat zo’n 686 hectare potentieel beschikbaar is voor het opwekken van energie. Het gaat om zijbermen, aansluitingen, geluidsschermen en naastgelegen stukken grond. In gemeente Castricum is aandacht voor lokale ontwikkelingen en initiatieven, voor opwek van hernieuwbare energie. Dit gebeurt in het programma Opwek van Energie op Rijksvastgoed (OER). 

Verkenning

De volgende stap in het programma OER is de verkenning. Daarbij wordt gezocht naar een set aan percelen en uitgangspunten wat betreft ruimtelijk ontwerp. Deze uitgangspunten en percelen moeten door de omwonenden gedragen worden, en moeten aangeven waar de zonne-opstellingen aan moeten voldoen. De communicatie en participatie met omwonenden zal een grote rol spelen. Naar verwachting is het onderzoek eind 2023 afgerond.

OER-Programma

Met dit landelijke Programma OER stelt het rijk haar vastgoed ter beschikking voor de ontwikkeling van hernieuwbare energie. Gemeenten en provincies kunnen hiervoor een verzoek neerleggen. Er lopen al een aantal pilotprojecten in Nederland. In Noord-Holland is eerder een pilotproject gestart langs de A7, bij vier knooppunten; Wognum, Abbekerk, Medemblik en Middenmeer. Met deze pilot is o.a. gekeken naar inpassing in het landschap, kosten en verkeersveiligheid.